Namen uit het Nieuwe Testament:
Mateo, Marcos, Lucas, Juan, Jesús, Tito, Timoteo, Santiago, Pedro, Pablo.
Lientje heeft al een tijdje Spaanse les. Ze is naar Spanje gegaan om nog meer Spaans te leren. Doe je mee?
.
Aangepast zoeken
dinsdag 20 juli 2010
woensdag 14 juli 2010
La vista
La vista desde abajo - onderaanzicht
La vista lateral - zijaanzicht
La vista posterior - achteraanzicht
La vista frontal - vooraanzicht
Vista betekent aanzicht of aanblik, maar ook gezichtssvermogen.
La vista lateral - zijaanzicht
La vista posterior - achteraanzicht
La vista frontal - vooraanzicht
Vista betekent aanzicht of aanblik, maar ook gezichtssvermogen.
zondag 11 juli 2010
Voetbal
El fútbol - De voetbalsport
El gol - het doelpunt
El poste - de doelpaal
La pelota - de voetbal
El futbolista - de voetballer
El centro - de middelstip
El campeanato - het kampioenschap
vrijdag 2 juli 2010
Woordenlijstje reizen
La comprobación del pasaporte- paspoortcontrole
El aeropuerto- luchthaven
La tarjeta de embarque- instapkaart
El vuelo- vlucht
Vuelo de vuelta- retourvlucht
El vuelo de ida- heenvlucht
El vuelo completo- de volgeboekte vlucht
Embarcar- aan boord gaan
El embarque- het aan boord gaan
La llegada- de aankomst
La salida- het vertrek
El aeropuerto- luchthaven
La tarjeta de embarque- instapkaart
El vuelo- vlucht
Vuelo de vuelta- retourvlucht
El vuelo de ida- heenvlucht
El vuelo completo- de volgeboekte vlucht
Embarcar- aan boord gaan
El embarque- het aan boord gaan
La llegada- de aankomst
La salida- het vertrek
donderdag 24 juni 2010
Persoonlijk voornaamwoord voor of achter het werkwoord?
afeitarme - infinitivo
afeitándome - gerundio
báñate - imperativo
In het geval van een infinitivo of een gerundio kan het persoonlijk voornaamwoord ook voor het werkwoord worden gezet.
me estoy afeitando
afeitándome - gerundio
báñate - imperativo
In het geval van een infinitivo of een gerundio kan het persoonlijk voornaamwoord ook voor het werkwoord worden gezet.
me estoy afeitando
maandag 21 juni 2010
Diccionarios
Woordenboek nodig? Kijk even hier.
Todo diccionarios.
Todo diccionarios.
Oraciones condicionales
De oraciones condicionales kun je verdelen in oraciones condicionales reales en oraciones condicionales irreales.
REAL
Als het mogelijk is dat de conditie werkelijkheid wordt.
Si tengo tiempo, te visito.
IRREAL
Als het niet of niet waarschijnlijk is dat de conditie werkelijkheid wordt.
Si tuviera dinero, compraría un coche.
REAL
Als het mogelijk is dat de conditie werkelijkheid wordt.
Si tengo tiempo, te visito.
IRREAL
Als het niet of niet waarschijnlijk is dat de conditie werkelijkheid wordt.
Si tuviera dinero, compraría un coche.
Abonneren op:
Posts (Atom)